Scroll down

Alternate Text

Dossier: Verblijfsrecht slachtoffers mensenhandel

De achtergrond

De verblijfsrechtelijke positie van buitenlandse slachtoffers van kinderhandel is zorgelijk. Uit het onderzoek ‘Kinderhandel in Nederland’ uit 2013 blijkt dat het beleid in Nederland zich vooral richt op de vervolging en opsporing van daders en dat er te weinig aandacht is voor de bescherming van minderjarige slachtoffers. De speciale verblijfsregeling voor slachtoffers mensenhandel zoals we die in Nederland kennen is niet ingericht voor kinderen. De regeling wordt ook maar zelden aan kinderen verleend. Een van de problemen is dat kinderen moeten meewerken aan het strafrechtelijk proces om een tijdelijke verblijfsvergunning te kunnen krijgen. Van de uitzonderingsregel hierop, het zogenaamde schrijnend pad, wordt weinig gebruik gemaakt. Het belang van het kind bij herstel en re-integratie is ondergeschikt aan het belang van opsporing van de mensenhandelaar.

In 2013 deden UNICEF Nederland en Defence for Children – ECPAT het voorstel voor een aparte verblijfsregeling voor buitenlandse slachtoffers van kinderhandel. In 2015 kwam ook de Nationaal Rapporteur Mensenhandel en Seksueel Geweld tegen Kinderen met een voorstel voor een verruiming van de uitzonderingsregel voor kinderen omdat zij bijzonder kwetsbare slachtoffers zijn.

Samen met onze partners UNICEF Nederland en het CKM blijven we aandacht vragen voor de noodzakelijke veranderingen voor minderjarige slachtoffers. Eind 2017 voeren we gesprekken met het ministerie van Justitie en Veiligheid over de vraag of een beter invulling van de procedure mogelijk is.

Laura Bosch

"Voor deze bijzonder kwetsbare slachtoffers van uitbuiting moeten we meer willen doen dan we nu doen. We moeten samen werk maken van een duurzame oplossing voor deze slachtoffers."

Actueel

We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Door gebruik te maken van onze website gaat u akkoord met ons beleid. Privacy verklaring
Ja
Nee