24 november 2007
Op 23 november 2007 hebben 68 Staten en de Europese Unie in het kader van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht een slotdocument ondertekend waarin de tekst van het Verdrag inzake het internationale verhaal van alimentatie voor kinderen en andere leden van het gezin en het Protocol inzake toepasselijk recht bij onderhoudsverplichtingen zijn opgenomen. De opzet van het verdrag is om op een eenvoudige, snelle, kostenbesparende en efficiënte manier de niet-betaalde alimentatiebedragen aan de rechthebbenden te laten toekomen.
Bijzonder aan het verdrag is dat het van toepassing is op onderhoudsverplichtingen die uit de ouder-kind verhoudingen voortvloeien en voor personen jonger dan 21 jaar bedoeld zijn (art. 2 sub1a). Staten die het verdrag hebben ondertekend mogen wel een voorbehoud maken waarin ze de werking van het verdrag tot kinderen onder 18 jaar beperken.
De bepalingen van het verdrag gelden voor kinderen ongeacht de burgerlijke staat van hun ouders. Een heel belangrijke bepaling is dat kinderen (personen) jonger dan 21 jaar kosteloze juridische bijstand van de Staat krijgen in alle gevallen van alimentatievordering. De Staat mag wel het niveau van de levensstandaard van het kind toetsen om te beslissen of de toekenning van gratis rechtsbijstand gegrond is.
Het verdrag introduceert ook het begrip van een alimentatieplicht door de kinderen naar de ouders toe wanneer kinderen welvarender zijn dan de ouders. De Staten zorgen ervoor dat de geldstromen op de meest kostenbesparende en effectieve manier geregeld zullen worden. Als bijlage bij het verdrag zijn standaardformulieren opgenomen die de transparantie en de efficiëntie van de afhandeling moeten bevorderen en tegelijk de bescherming van persoonsgegevens garanderen. Het Protocol inzake het toepasselijke recht bij onderhoudverplichtingen is zo geformuleerd dat de rechthebbenden de meeste garantie hebben dat hun vordering snel afgehandeld wordt.
Defence for Children heeft in de afgelopen jaar als waarnemer deel genomen aan de conferenties waarin deskundigen, vertegenwoordigers van de overheden en van NGO's aan de formulering van het verdrag hebben gewerkt. Defence for Children heeft ook enkele tekstuele voorstellen gedaan die in de uiteindelijke versie zijn opgenomen. Het verdrag beroept zich op artikelen 3 en 27 van het Internationale Verdrag inzake de Rechten van het Kind maar is er niet op gebaseerd. In de Preambule is in ieder geval dankzij Defence for Children een zin opgenomen dat "in alle handelingen die betrekking hebben op kinderen, het belang van het kind de eerste prioriteit zal hebben".
© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.