© Powered by SiteSpirit

 
bezoek ecpat.gif
 

Bannner Defence fro Children.jpg
Help ons - doneer nu!.jpg
2004-1 picto kl wij blijvenv2.png

Kinderen zonder verblijfsvergunning mogen nooit op straat worden gezet



webshop.png

Het recht om alleen rond de wereld te zeilen?

25 augustus 2009


In de media is de afgelopen dagen veel aandacht voor de dertienjarige Laura die van plan is om alleen rond de wereld te zeilen. Mocht het Laura lukken om deze tocht, die ongeveer twee jaar gaat duren, te maken, dan zou zij de jongste persoon ooit zijn die solo rond de wereld is gevaren. Omdat aan zo'n zeiltocht verschillende gevaren zijn verbonden, is niet iedereen blij met de plannen van Laura. Zo is de Raad voor de Kinderbescherming van mening dat de ouders van Laura haar tegen moeten houden. Bureau Jeugdzorg vindt dit ook. De ouders van Laura weigeren dit en daarom heeft de Raad een verzoek ingediend bij de rechtbank om de ouders van Laura tijdelijk te schorsen in de uitoefening van het ouderlijk gezag. De rechter moet oordelen over de vraag of sprake is van 'misbruik van gezag', een wettelijke grond voor schorsing. Als de rechtbank dit verzoek toekent, dan zal Bureau Jeugdzorg tijdelijk belast worden met de voogdij over Laura en kan deze de plannen van Laura een halt toeroepen. Maar hoe zit het nu met de rechten van Laura zelf? Heeft zij het recht om in haar eentje over de wereld te zeilen? Ze is immers een ervaren zeilster, heeft toestemming van haar ouders en lijkt goed op de hoogte te zijn van de gevaren die ze onderweg tegen kan komen.


Hoe verhoudt deze vraag zich tot de bepalingen in het Verdrag in zake de Rechten van het Kind? Volgens artikel 3 van dit Verdrag moet het belang van het kind altijd een eerste overweging vormen bij beslissingen over het kind. De vraag is natuurlijk wat dit belang precies is? Is dit het belang van Laura om serieus genomen te worden en haar wensen te vervullen? Of is dit het belang van Laura om beschermd te worden tegen de gevaren die een solozeiltocht met zich meebrengt en zich ongestoord te kunnen ontwikkelen. In het Kinderrechtenverdrag zijn zowel rechten op bescherming, als rechten op zelfbeschikking opgenomen. Zo hebben kinderen het recht om gehoord te worden én moet aan deze mening passend belang worden gehecht in overeenstemming met leeftijd en rijpheid. Tegelijkertijd moet de ontwikkeling van het kind worden beschermd en moet het kind worden beschermd tegen gevaar.


Het recht op eigen mening en om gehoord te worden

Het recht op een eigen mening en om gehoord te worden is opgenomen in artikel 12 van het Kinderrechtenverdrag. In het eerste lid van artikel 12 staat dat aan de mening van het kind passend belang moet worden gehecht in overeenstemming met zijn of haar leeftijd en rijpheid. Aan zowel het criterium leeftijd, als aan de rijpheid van het kind, wordt hetzelfde gewicht toegekend. Het Verdrag stelt dus geen vaste leeftijdsgrens voor de toepassing van dit recht en staat lidstaten ook niet toe dit wel te doen.


Als een kind in staat is een mening te vormen over een aangelegenheid die hem of haar betreft en deze ook kenbaar wil maken, dan moet deze mening worden meegenomen in de beslissing. Dit geldt ook voor hele jonge kinderen. In de 'Manual on Human Rights Reporting' staat hierover: 'This right should therefore be ensured and respected even in situations where the child would be able to form views and yet be unable to communicate them'. 


Het VN-comite voor de Rechten van het kind publiceerde onlangs een General Comment waarin zij toelichting geven op de inhoud en betekenis van het recht van kinderen om gehoord te worden. Hierin stellen zij onder andere dat hoe groter de impact van de keuze van een minderjarige is, hoe beter er gescreend moet worden of het kind de gevolgen van de keuze wel goed kan overzien.


Het recht op bescherming en ontwikkeling

Het recht op ontwikkeling van het kind is opgenomen in artikel 6 van het Kinderrechtenverdrag. Volgens lid 2 van dit artikel waarborgen de lidstaten bij het Verdrag, waaronder Nederland, 'in de ruimst mogelijke mate de mogelijkheden tot overleven en ontwikkeling van het kind'. Wat hieronder moet worden verstaan wordt uitgelegd door co-opsteller van het Verdrag en voorheen vice-voorzitter van het Comité inzake de Rechten van het kind, Thomas Hammarberg. Hij schrijft: 'The term 'development' in this context should be interpreted in a broad sense, with the added dimension of quality of life. Its meaning covers not only physical health but also mental, emotional, cognitive, social and cultural development.'  Het recht op ontwikkeling omvat dus niet alleen het recht op lichamelijke groei, maar ook bijvoorbeeld het recht op ontwikkeling van een identiteit. Deze identiteitsontwikkeling wordt, zo stelt Hoogleraar Micha de Winter op 15 augustus 2009 in de Volkskrant, vorm gegeven door contact met volwassenen en leeftijdsgenoten. Ook wordt deze ontwikkeling gestimuleerd door onderwijs, hetgeen wordt uitgewerkt in de artikelen 28 en 29 van het Kinderrechtenverdrag. Het recht op onderwijs betekent voor Laura ook een plicht om onderwijs te volgen.


De verantwoordelijkheid van de ouders

De rechten van het kind worden in de eerste plaats beschermd door de ouders van Laura. Artikel 18 van het Verdrag stelt expliciet dat ouders de eerste verantwoordelijkheid hebben voor de opvoeding en ontwikkeling van hun kind. Zij begeleiden het kind, zo staat in artikel 5 van het verdrag, in de uitoefening van zijn of haar rechten in overeenstemming met de 'zich ontwikkelende vermogens van het kind.' De ouders moeten dus altijd de mening en de wensen van het kind afwegen tegen de bescherming van het kind. Slagen de ouders er niet in om de rechten van het kind te beschermen, dan moet de Staat ingrijpen. De Nederlandse overheid heeft de plicht om kinderen te beschermen als ouders dit niet of onvoldoende doen.


Laura en haar kinderrechten

Wat betekent dit nu voor Laura? Heeft zij het recht om haar eigen keuzes te maken en samen met haar ouders te bepalen dat zij competent genoeg is om een soloreis rond de wereld te maken? Of mag de Staat ingrijpen en daarmee voorbijgaan aan de wens van Laura om faam te maken als jongste solozeilster in de geschiedenis?


Om deze vraag te beantwoorden moet een afweging worden gemaakt tussen het recht van Laura om gehoord te worden en serieus genomen te worden, en haar recht op bescherming. Deze afweging wordt in de eerste plaats gemaakt door haar ouders. Zij zijn degenen die verantwoordelijk zijn voor de opvoeding en ontwikkeling van hun kind. De Staat moet deze rechten en plichten van de ouders eerbiedigen, zo bepaalt artikel 5 van het Kinderrechtenverdrag. De Staat mag daarom alleen ingrijpen als de belangen en ontwikkeling van Laura in het geding komen. Buiten de praktische gevaren die een solozeiltocht met zich mee brengt (stormen, windstilte, kapers), doet een dergelijk plan in het geval van een minderjarige van dertien jaar ook zorgen rijzen over de mogelijkheden die Laura tijdens haar zeiltocht zal hebben om zich optimaal te ontwikkelen. Het gebrek aan contact met andere mensen en leeftijdsgenoten en het feit dat het tijdens een solozeiltocht vrijwel onmogelijk is om een goede nachtrust te krijgen, staan aan deze ontwikkeling in de weg. Ook geldt voor Laura, evenals voor alle andere dertienjarigen de leerplicht. Het is de vraag of deze grote verantwoordelijkheid om te overleven op zee en veilig aan te komen, met ook nog de plicht om in elke haven hard te gaan studeren, bij een dertienjarige die door niemand wordt begeleid, kan worden gelegd.


De ouders van Laura zijn van mening dat Laura een bijzonder kind is en een dergelijke wereldreis aankan, zonder dat dit haar belemmert in haar ontwikkeling. Nu aan deze reis vele gevaren zitten verbonden en voor de meeste kinderen van 13 ernstige schade kan opleveren, is het goed als een rechter beoordeelt of de ouders van Laura terecht deze mening zijn toegedaan. Worden de ouders van Laura (mede) gedreven door de wens om hun dochter in het guinness book of records te zien staan, of hebben we weldegelijk te maken met een minderjarige die haar leeftijdsgenootjes ver vooruit is in haar ontwikkeling en de risico's van een dergelijke reis kan overzien? Het is hierbij heel belangrijk dat goed wordt geluisterd naar de mening van Laura zelf. Vanwege de impact van haar beslissing moet, in lijn met General Comment nummer 12 van het kinderrechtencomité, heel goed gescreend worden of zij de gevolgen van haar beslissing kan overzien.

Klik hier voor de uitspraak.


PDF pagina

© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.