27 november 2007
De politie werd in de laatste week van november geconfronteerd met een onverwacht groot aantal uitbundig demonstrerende scholieren. Op sommige plaatsen liep het protest uit de hand, werden vernielingen aangericht of werd vuurwerk afgestoken. De politie maakte gebruik van stokken, schilden en een waterkanon. In plaats van het protest in goede banen te leiden droeg de politie door een provocerende houding bij aan een grimmige sfeer bij een demonstratie met een unieke opkomst. Defence for Children International maakt zich zorgen over het gebruik van geweld door de politie en de wijze waarop aangehouden jongeren vervolgens op het politiebureau behandeld kunnen worden.
Volgens het Verdrag inzake de Rechten van het Kind moet de Nederlandse Staat kinderen beschermen tegen elke vorm van geweld. Dit geldt ook als minderjarigen rebels de straat op gaan en als daarbij de regels worden overtreden. Leeftijd en ontwikkelingsfase zijn bepalend voor het gedrag van scholieren. Het jeugdstrafrecht houdt daar rekening mee. Maar het politieoptreden tegen minderjarigen verschilt niet of nauwelijks van de behandeling van volwassen demonstranten. Nederland kent dan ook geen duidelijke regels voor het aanhouden, arresteren en vasthouden van minderjarigen door de politie. De politie kan tegen hen geweld toepassen, jongeren uren lang vasthouden in een politiecel op het bureau en verhoortechnieken kunnen worden gebruikt zonder dat jongeren het recht hebben om zich door hun ouders of een bekende te laten bijstaan. Het is tijd dat er nu ook speciale regels gaan gelden voor het politieoptreden ten aanzien van minderjarigen.
Na twee dagen scholierenprotest zijn er door de politie 225 leerlingen aangehouden. Dit ging vaak op hardhandige wijze. Defence for Children keurt het gebruik van geweld tegen de scholieren door de politie af. Specifieke regels voor het optreden van de politie tegen jongeren zijn nodig.
© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.