Elk jaar brengt de Nationaal Rappporteur Mensenhandel een rapportage uit over de aard en omvang van mensenhandel in Nederland. Klik hier voor de rapportages.

Ieder jaar produceert de Amerikaanse regering het Trafficking In Persons Report (TIP). Hierin worden landen ingedeeld in Tier 1, 2 of 3, afhankelijk van de maatregelen die overheden nemen om mensenhandel tegen te gaan. Klik hier voor alle jaargangen. Het Protection Project van de Johns Hopkins University maakt ieder jaar ook een review van het TIP Report. Lees hier de review van 2012.
Sinds 2002 meet de politie twee jaarlijks haar inspanningen op het terrein van toezicht en opsporing in zowel de vergunde als niet vergunningsplichtige prostitutiebranche. Ook de politie informatiehuishouding en organisatie komen in de monitor aan de orde, met als belangrijkste doel de aanpak verder te verbeteren.
2010
2008
Dit Plan van Aanpak geeft een overzicht van de belangrijkste aandachtsgebieden, doelstellingen en activiteiten van de Task Force Mensenhandel voor de periode 2011 tot en met februari 2014. Klik hier voor het Plan van Aanpak.
In dit actieplan worden de maatregelen uiteengezet die de komende jaren worden verricht ten behoeve van de rijksbrede aanpak van de loverboyproblematiek.
Cijfermatige rapportage 2007-2011. Analyse van beschikbare cijfers over mensenhandel uit de periode 2007-2011. Hierin onder meer aandacht voor de slachtoffers van mensenhandel en hun kenmerken. Ook aandacht voor de opsporing, vervolging en berechting van verdachten. Klik hier voor de rapportage.
Cijfermatig onderzoek van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel naar vervolging en berechting van de bij het Openbaar Ministerie ingeschreven mensenhandelzaken en de berechting van de in eerste aanleg afgedane mensenhandelzaken in de periode 2006-2010. Klik hier voor de rapportage.
Onderzoek van de Nationaal Rapporteur met best practices, knelpunten en aanbevelingen voor de aanpak van mensenhandel op gemeentelijk niveau. De Nationaal Rapporteur onderzocht hiervoor de aanpak van seksuele uitbuiting en overige vormen van uitbuiting in Arnhem, Eindhoven, Emmen en Vlaardingen. Klik hier voor de rapportage.
Dit onderzoek van de Nationaal Rapporteur Mensenhandel is een vervolg op het onderzoek naar de vervolging en berechting van mensenhandelzaken in de periode 2006-2010 en is aangevuld met uitspraken uit de periode tot 2012. Er is gekeken naar de wijze van ten laste leggen, naar de bewijs- en vrijspraakoverwegingen en de bewezenverklaringen, alsmede naar de congruentie en consistentie in de uitspraken. Hierbij is onder meer aandacht besteed aan enkele valkuilen bij de toepassing van het wetsartikel, waaronder de betekenis van uitbuiting, de rol van dwang en vrijwilligheid en het verschil in referentiekader tussen seksuele uitbuiting en overige uitbuiting. Klik hier voor het rapport.
In het kader van het actieplan heeft het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid een handreiking vervaardigd. Hierin wordt een raamwerk voor een goede aanpak gegeven waarbij alle betrokken partijen, integraal maar elk vanuit de eigen discipline, loverboys daadkrachtig kunnen bestrijden. De handreiking wordt verspreid onder (jeugd)zorg, onderwijsinstellingen, gemeenten en politiekorpsen. Klik hier voor de handreiking.
Dossierstudie van het Bureau Nationaal Rapporteur Mensenhandel naar 49 geseponeerde mensenhandelzaken uit 2010 waarbij een B9-verblijfsvergunning is verleend. Doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in de groep slachtoffers van mensenhandel die een B9-vergunning krijgen en waarvan de zaak vervolgens wordt geseponeerd. Klik hier voor het rapport.
Dit rapport van Protection Project van de Johns Hopkins University biedt voorbeelden van een aantal succesvolle initiatieven die zijn ondernomen door vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld. klik hier voor het rapport.

Dit veldonderzoek van UNICEF in vijf geselecteerde steden en provincies in Vietnam, laat een alarmerende situatie van kinderprostitutie, kinderhandel, kindersekstoerisme en kinderpornografie zien. Zowel meisjes als jongens zijn het slachtoffer van dit misbruik. Het misbruik gebeurt niet alleen in de grote steden, maar ook in landelijke gebieden.
Handboek van Terre des Hommes gericht op organisaties die proberen te voorkomen dat kinderen beschadigd raken door uitbuiting of ander misbruik, met name kinderen die zich verplaatsen zowel binnen het eigen land als naar het buitenland. Het handboek helpt deze organisaties om hun activiteiten te herzien die zij organiseren om kinderhandel of uitbuiting te voorkomen, en of zij het beste belang van het kind verzekeren binnen deze activiteiten. Klik hier voor het handboek.
Handboek van Terre des Hommes voor personeel in de gezondheidszorg en het maatschappelijk werk in Azië dat werkt aan het herstel en de re-integratie van kinderen die slachtoffer zijn van mensenhandel. Het voornaamste doel is om het begrip van projectmedewerkers te vergroten over hoe verhandelde kinderen het best geholpen kunnen worden. Klik hier voor het handboek.

Deze folder van CoMensha is tot stand gekomen in samenwerking met het Ministerie van Veiligheid en Justitie en de Politie. De folder is bestemd voor de slachtoffers mensenhandel die een gesprek met de politie hebben gehad. De folder ligt dan ook bij de politie. Bij de folder hoort een website www.hoenuverder.info. De folder en de website zijn beschikbaar in het Nederlands, Engels, Hongaars, Pools en Bulgaars. De website geeft iets uitgebreider informatie per onderwerp.
In dit haalbaarheidsonderzoek wordt de aanpak in Limburg uiteen gezet. Aan de hand hiervan wordt ingeschat in hoeverre de organisaties J.J.I. Het Keerpunt en de JeugdzorgPlusinstelling Icarus (samen de Stichting Jeugdzorg St. Joseph vormend), Gastenhof als onderdeel van de Koraal Groep, en GGZ-instelling Mondriaan meer dan tot nu toe een rol kunnen vervullen in de opvang en behandeling van zowel slachtoffers als daders. Klik hier voor het rapport.
De onafhankelijke commissie 'Commissie Onderzoek Zedenzaak Amsterdam' heeft in de eerste drie maanden van 2011 in opdracht van de Burgemeester van Amsterdam onderzocht welke lessen Nederland – in het bijzonder in de kinderopvang – uit de Zedenzaak kan leren. De vraag aan de commissie was: hoe heeft het kunnen gebeuren en wat kunnen we daarvan leren? Klik hier voor het rapport.
Rapport (Engels) over het Nederlandse beleid inzake programma's voor prostituees om hen uit de prostitutie te helpen, opvang van slachtoffers van mensenhandel en de internationale projecten van mensenhandel en aanverwante zaken die worden gefinancierd door Nederland te bestrijden. Klik hier voor het rapport.
![brochure-prostitutie-en-uitbuiting-engels[1].jpg](/images/13/1144.160.jpg)
In deze Engelstalige publicatie van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) staat informatie over prostitutie en uitbuiting. Deze informatiekaart is bestemd voor mensen die werken in de prostitutie en voor mensen die iemand kennen die in de prostitutie werkt. De publicatie bevat informatie over het herkennen van uitbuiting, organisaties die kunnen helpen en de rechten van slachtoffers.
Naar aanleiding van het sluiten avn een groot aantal raambordelen in Stadsdeel Centrum en de Centrale Stad heeft de gemeente Amsterdam de opdracht gegeven om hier onderzoek naar te doen. Het doel van het onderzoek is tweedelig. Enerzijds is het doel het verkrijgen van inzicht in de Amsterdamse prostitutiebranche, waarbij het vooral gaat om het in kaart brengen van de verschillende sectoren, de kenmerken en achtergronden van de prostituees, mobiliteitsaspecten en zorgbehoeften. Anderzijds moet het onderzoek antwoord geven op de vraag in hoeverre er sprake is van misstanden in de Amsterdamse prostitutiebranche en wat de effecten zijn van het sluiten van de raambordelen. Klik hier voor het rapport.
Aan de hand van de kinderrechtenindicatoren die door de European Union Agency for Fundamental Rights (FRA) ontwikkeld zijn, is de stand van zaken betreffende kinderhandel in alle lidstaten onderzocht en geanalyseerd. Deze vergelijkende analyse laat zien dat weinig zaken met betrekking tot kinderhandel tot een veroordeling leiden. Ook stelt de FRA dat de belangen van kinderen nog steeds niet de belangrijkste overweging vormen in de bestrijding van kinderhandel. De FRA roept daarom op tot verbetering van de EU-wetgeving om kinderhandel aan te pakken en kinderen beter te kunnen beschermen. Klik hier voor het Engelstalige rapport.
Dit onderzoek is uitgevoerd door het Bonger Instituut voor Criminologie van de Universiteit van Amsterdam, in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het Ministerie van Justitie. Het doel van het onderzoek is: Inzicht bieden in de aard en het voorkomen van seksueel misbruik van jongens en prostitutie door jongens, teneinde het voor het beleid mogelijk te maken op basis van zo veel mogelijk kennis over de problematiek te bezien of er beleidsaanpassingen noodzakelijk zijn om misbruik van (bepaalde groepen) jongens beter tegen te kunnen gaan. De focus in het onderzoek ligt bij minderjarige jongens (jonger dan achttien jaar). Bij seksueel misbruik ligt de nadruk op seksueel misbruik buiten de familiesfeer. Klik hier voor het rapport.
Met dit rapport wil BLinN duidelijk maken dat er onwenselijke ruimte bestaat tussen beleid en praktijk. Vanaf 2005 tot heden heeft BLinN gewerkt aan de ondersteuning van slachtoffers in vreemdelingendetentie en aan het verbeteren van de signalering door het personeel binnen de detentiecentra. Tijdens dit werk is zij knelpunten tegengekomen die de signalering en ondersteuning van slachtoffers in de weg staan. Dit rapport is een weerslag van deze bevindingen en doet aanbevelingen voor verdere stappen. Klik hier voor het rapport.
In deze studie van Child Focus naar de situatie in Belgïe m.b.t. jongeren, internet en prostitutie komen de volgende onderwerpen aan bod: feiten en cijfers jeugdprostitutie, oorzaken en gevolgen jeugdprostitutie, invloed van sms en chat op jongerenprostitutie
virtuele hulpverlening. De Koning Boudewijstichting heeft dit onderzoek gefinancierd. Het volledige rapport kunt u hier downloaden.
Met deze folder biedt de Comesha een methodiek aan om de samenwerking op het gebied van de opvang en begeleiding aan slachtoffers te verbeteren. Onder andere door de inbreng van de Amsterdamse ervaringen in de ketenaanpak rondom mensenhandel. Klik hier voor de folder.
In deze evaluatie van de opheffing van het bordeelverbod is zowel aandacht besteed aan de gelegaliseerde vormen van exploitatie van prostitutie, als aan de strafbare vormen van exploitatie van prostitutie. Klik hier voor het rapport.
TransAct en Informatiepunt Jeugdprostitutie onderzochten de randvoorwaarden en succesfactoren van verschillende gemeenten in Nederland bij een ketenaanpak van jeugdprostitutie. Alle fasen in de keten komen aan bod: preventie, signalering, hulpverlening, opsporing en vervolging. Klik hier voor het rapport.
Dit rapport maakt deel uit van een grootschalige evaluatie van de opheffing van het algemeen bordeelverbod. De onderzoeken zijn in opdracht en onder begeleiding van het WODC uitgevoerd door verschillende instellingen. Klik hier voor het rapport.
Met behulp van literatuurstudie en gesprekken met experts is inzicht verkregen in de niet-legale prostitutie waaronder de exploitatie van prostitutie van minderjarigen en uitbuiting. Klik hier voor het rapport.
Na het uitkomen van het Nationaal Actieplan Mensenhandel (2004) zijn een aantal nieuwe inzichten ontstaan, onder andere tijdens de behandeling van het Actieplan in de Tweede Kamer. Dit betekent dat op een aantal punten van het Actieplan een aanvulling nodig was. Klik hier voor de aanvullende maatregelen.
Hierin heeft het kabinet verschillende initiatieven aangekondigd tegen misstanden in de prostitutiesector. Dit gaat onder andere over mensenhandel, bijvoorbeeld op het gebied van het informeren van slachtoffers van mensenhandel over hun rechten en over het doen van aangifte. Klik hier voor het rapport.
© 2009 Defence for Children International Nederland - All rights reserved.